Alaskan Malamutes en Groenlandse honden

De meest oorspronkelijke sledehonden

Alaskan Malamutes en Groenlandse honden

De oorspronkelijkste en wildste sledehondenrassen, de Alaskan Malamute en de Groenlandse honden, zijn de hondenrassen die qua gedrag en aard het sterkst op de wolf lijken.

1 / 13

Ze hebben al sinds duizenden jaren altijd in roedels geleefd en werden tijdens de zomer vaak aan zichzelf overgelaten. Daardoor waren ze voor hun overleven deels zelf verantwoordelijk en moesten ze zichzelf voeden. Ook paringen met wolven kwamen telkens weer voor. Door de harde weersomstandigheden en de voortdurende strijd om te overleven stonden ze onder een hoge selectiedruk. Uit dit harde leven komen de ongetemde overlevingsdrang en het zelfstandige denken van deze honden voort. "De domesticatie van de wolf begon ongeveer 12.000-14.000 jaar geleden. De mens en de wolf / hond passen qua rangordedenken en sociale ordening zeer goed bij elkaar" (Dr. Dorit Feddersen-Petersen. Hundepsychologie: Wesen und Sozialverhalten. 3e druk - Stuttgart: Franckh, 1989. p. 28). Voor relaties tussen mens en dier is eenduidige communicatie van levensbelang. Communicatie werkt via verschillende signalen, die door bepaald gedrag worden geuit, en hun duiding door de ontvanger.

Eenduidige communicatie veronderstelt dat er tussen zender en ontvanger overeenstemming bestaat over de betekenis van de signalen. De signalen bestaan uit lichaamstaal, verbale uitingen en geuren. Daaruit volgt een akoestische, optische en tactiele (door aanrakingen) communicatie. Wolven, evenals Alaskan Malamutes en Groenlandse honden, leven in roedels met een netwerk van relaties. Er ontwikkelen zich hiërarchische structuren, die zich naargelang de relaties veranderen. Het leidende dier kan mannelijk of vrouwelijk zijn en is niet noodzakelijkerwijs het grootste en sterkste dier, maar het intelligentste met de beste leiderschapskwaliteiten. Mensen zijn altijd al gefascineerd geweest door wolven. Terwijl de Europeanen de wolf in de afgelopen eeuwen als concurrent beschouwden en hem bijna uitroeiden, hebben Eskimo's en indianen hem met andere ogen gezien - als concurrent én helper. De indianen observeerden het gedrag van de wolven en namen hun jachtstrategieën op in hun eigen jachttechnieken. Hun gemeenschappelijke samenleven kende veel parallellen: indianen en wolven leefden beide in kleine groepsverbanden, waarin teamwork, loyaliteit, vertrouwen en ondubbelzinnige communicatie van doorslaggevend belang waren voor het jachtsucces en daarmee ook voor het overleven. Naast teamwork waren leiderschapskwaliteiten noodzakelijk. Zelfverzekerd optreden, delegeren en een duidelijke doelstelling leidden tot een succesvolle buit. Deze kwaliteiten hebben in de huidige ingewikkelde, voortdurend veranderende, snelle wereld niets aan urgentie ingeboet. Aan de hand van de sledehondenroedels kunnen overeenkomstige verbanden duidelijk worden gemaakt.

Meer info op MalamuteQuest.com